D E    B I J B E L

 in het licht van Gene Zijde

 

17e ….En God stelde ze in het uitspansel des hemels, om licht te geven op de Aarde.

U ziet het zeker, de bijbelschrijvers haakten het ene gezegde aan het andere om de Goddelijke woorden kracht en ruimte te schenken, maar het ene woord is als het andere door hun eigen denken en voelen geboren. Uit alles spreekt het onbewuste mensenkind van de Aarde. Alléén de Zon dient al het leven in de ruimte, maar het kosmische verband tussen al die geweldige lichamen heeft toch weer betekenis voor elk levensvonkje van God, doch de centrale levensbron overheerst en zal blijven overheersen tot aan het einde van deze drie levensgraden. Eerst dan zal ook de Zon uitsterven en heeft zij, zoals de Maan reeds beleefd, haar grootste taak volbracht. Maar de Zon geeft, bestraalt, en is als zodanig het enige lichaam voor de Aarde, dat direct het kosmische verband in handen heeft gekregen van God, die achter dit alles leeft en waakt!
De bijbelschrijvers voeren ons tot een schepping, waarvan zij het licht niet kennen, noch één van de andere miljoenen wonderen, die voor ons menselijke oog gestalte hebben gekregen. Heilig is alles, maar zij breken deze heiligheid af, onbewust, anders zouden zij geen letter hebben neergeschreven.

Jozef Rulof/Zelanus  “De Volkeren der Aarde door Gene Zijde bezien’.

Europese Heraut, 4e jaargang, no. 71, 1 September 1956.