D E    B I J B E L

 

in het licht van Gene Zijde

 

 

 

8.  En God noemde het Uitspansel Hemel. Toen was het avond geweest en het was morgen geweest, de tweede dag. 

  

Uit dit alles spreekt, alweer het onbewuste kind van de Aarde, dat voor al deze Goddelijke wetten staat, maar nog moest ontwaken. Nimmer heeft God één woord gesproken, deze gezegden hebben voor de ruimte en de Goddelijke schepping meer kwaad dan goed gedaan voor de menselijke ziel. Wat de bijbelschrijvers u hebben geschonken behoort tot uw bewustzijn, ze spreken over uw dag en nacht, maar toen was de schepping reeds biljoenen jaren oud. Dat wil dus zeggen, dat deze bijbelschrijvers hun eigen tijd beschreven hebben en God niet begrijpelijker, maar onbegrijpelijker voor u hebben gemaakt!

De eerste miljoenen eeuwen geven aan al het leven van God de kosmische en Goddelijke betekenis, niet uw eigen tijd en eeuw, want die is ontstaan door uw denken en voelen, uit uw eigen bewuste scheppen, ook die wetten heeft God in de handen van al Zijn kinderen neergelegd. Niets weet men bij u van de eerste stadia af, ook de wetenschappelijk onderlegden op uw Aarde niet, hoewel men thans grote vorderingen maakt. --- Waar komt de mens vandaan? Waar is de mens eigenlijk geboren? En hoe? Géén mens kan u het antwoord geven! De geleerde is nog niet zover, maar in het verleden ligt en leeft het Goddelijke antwoord. Om daarin terug te kijken, moet u echter aan deze zijde zijn, dan kunnen de wetten van God tot uw leven spreken.

  

Jozef Rulof/Meester Zelanuas “De Volkeren der Aarde door Gene Zijde bezien”.   

 

 Europese Heraut, 3e jaargang, no. 56, 1 Januari  1956.